top of page

Kinderen die rouwen om een dier.

Tijdens de rit naar het werk moet ik doorheen een straat in Heule waar ze aan het werk zijn en waar je voorrang moet verlenen aan de tegenligger. Anders gezegd, je moet afremmen en aanschuiven. Ik zie 2 voetgangers, een mama en haar dochter naar hun woning stappen. De mama draagt een rode trui en de dochter een zomers kleedje en slippers met bloemetjes. Ik schat haar een jaar of 10. Ze houdt halt aan de voordeur, draait haar hoofd en ik zie ze naar haar mama grijpen. Net als ik ziet ze het omvergereden egeltje op de weg liggen. Ze slaakt een zucht en is duidelijk aangedaan. De mama slaat haar arm rond haar dochter, ze gaan samen naar binnen….


Zo zie ik er wel meer de laatste weken, omvergereden egels, een haas,…. Als volwassenen rijden we er gewoon langs. Hoogstens voor een poes zouden we stoppen om ze aan de kant te leggen en dan nog. Maar we staan weinig stil wat het bij kinderen kan teweegbrengen.

Kinderen beseffen vaak nog niet helemaal wat de dood betekent en reageren er anders op dan volwassenen. Zeker als het om hun eigen dier gaat zoals een poes, hamster, konijn, hond,….Zo geef je ze troost.

Een aantal tips:


1/ Wees eerlijk. Zeg nooit dat een dier slaapt of “weggaat”. Want dan kan een kind denken dat het terugkomt. Bij het woord slapen kunnen kinderen een angst ontwikkelen om te gaan slapen en dat associëren met “niet meer wakker worden.”


2. Wees duidelijk en zorg dat je kind begrijpt wat de dood betekent en leg uit dat het dier niet meer terugkomt. Kinderen begrijpen vaak meer dan we denken.


3. Hou het kort. Het zou kunnen dat je kind vraagt om details, maar eigenlijk zoekt het troost. Spreek op een geruststellende toon en ga vooral niet voeden met nare beelden. Uitleg kan en mag, maar zacht.


4. Stel het gesprek niet uit en draai niet rond te pot. Hoe moeilijk ook, ga het gesprek rond overlijden en rouw aan. Een dier is voor kinderen vaak de eerste ervaring met de dood. Maak er geen taboe rond, zorg dat het bespreekbaar is, ook hun emoties.


Een kind rouwt anders:

Vergelijk jouw verdriet niet met dat van een kind, want ze rouwen vaak anders. Afhankelijk van de leeftijd snappen ze vaak nog niet helemaal wat “dood” betekent.


Tussen 3 tot 5 jaar snapt de kleuter nog niet goed dat de dood iets onomkeerbaar is. De kleuter kan denken dat de dierenarts het huisdier weer tot leven kan wekken met een spuitje. Maar opgelet, want het kindje kan ook denken dat het overlijden van het dier zijn schuld is, bijvoorbeeld om dat hij/zij onlangs om een puppy vroeg.


Een kind van 6 jaar snapt meestal wat de dood betekent, weet dat het dier niet meer terug zal komen. Ze zien de dood vaak wel als iets wat bij anderen gebeurt dus is het extra moeilijk om te accepteren als het in het eigen gezin voorkomt.


Vanaf 9 jaar beseft een kind dat de dood uiteindelijk iedereen overkomt, ook hemzelf. Maar ook aan die leeftijd kunnen nog schuldgevoelens optreden als gevolg van het overlijden, bijvoorbeeld omdat hij het gevoel heeft dat er niet goed genoeg voor gezorgd werd, of omdat er één keer vergeten was om eten te geven…


Let wel: elk kind reageert anders, ontwikkelt zich anders en gaat anders om met zo’n zaken. Kijk vooral goed naar wat je kind nodig heeft.


Je zal ook zien dat je kind het ene moment heel vrolijk zal zijn en plots heel verdrietig en alleen maar bij jou wil zijn. Of hij ziet de poes van de buren door te tuin wat plots terug een enorm verdriet kan bezorgen. Het is heel normaal dat verdriet met tussenpozen bovenkomt, dat is bij volwassenen trouwens niet anders.


Opgelet:

Als je ziet dan je zoon of dochter langer dan een maan onophoudelijk verdrietig is, problemen heeft op school of (nieuwe) fysieke problemen heeft zoals buikpijn of hoofdpijn? Dan zou het kunnen dan hij/zij zijn huisdier niet kan loslaten. Blijf er hoe dan ook over praten, vraag waarom hij/zij verdrietig is en vertel over je eigen ervaringen als kind of het verlies van je huisdier.


Troostwoord kan hierbij helpen.


0 opmerkingen

Comments


bottom of page